.png)
Er ligt al een steen op het ijs en een paar takken. Ik sta aan de kant kijk naar de aarzelende kinderstappen en naar de hakkende jongen. Inderdaad de eerste barsten verschijnen door zijn gehak, wat bezielt zo’n jongen denk ik. „Wat is de reden dat je het ijs vernield” vraag ik hem terwijl ik naast hem ga staan. „Ik kijk hoe sterk het ijs is,” zegt hij doorhakkend. Een logica, die ik niet geheel volg, „Je ziet toch dat er op het kleine stukje ijs, zeg drie en een halve vierkante meter op ondiep water, mensen staan?” Hij lijkt niet te begrijpen wat ik zeg en gaat door met hakken. „ Stop er dan toch maar mee, „zeg ik hem.

Aan twee vriendinnen denk ik, die tijdens het schaatsen zijn gevallen, hun arm op meerdere plaatsen hebben gebroken. Is het nu echt zo dat ik denk dat er gelukkig geen ijs ligt zodat ik niet hoef te kiezen wel / niet te gaan schaatsen?
Oh, ik word oud. Kennelijk was mijn aanwezigheid, pal naast de jongen dermate intimiderend dat hij uit zichzelf stopte met hakken, opstond en verdween. Of kon hij mijn gedachten, over hoe mooi m'n ervaringen op het ijs waren, lezen?
Wil je reageren? Dat kan. Je kunt Constance bereiken op
constancevarekamp@stadsdorpwesterpark.nl
Alle blogs zijn hier terug te lezen.